Zo start je een gedragen actieplan
-
Breng het terrein in kaart
Inventariseer aanwezige bedrijven, eigenaars, syndicus, schoonmaakafspraken, afvalophaling en relevante partners.
-
Betrek de stad of gemeente
Werk samen rond communicatie, opruimmateriaal, handhaving, meldingen en ondersteuning.
-
Richt een werkgroep op met alle stakeholders
Duid een eindverantwoordelijke aan, maak een planning en verdeel de taken.
-
Analyseer zwerfvuil en sluikstort
Welke contracten zijn er voor selectieve ophaling? waar zijn er zwerfvuil- en sluikstorthotspots? Welke vuilnisbakken staan er op het terrein? Zijn sorteerregels duidelijk en goed aangeduid?
-
Leg engagement vast
Werk met een engagementsverklaring waarin bedrijven, partners en gemeente samen hun engagement bevestigen.
-
Monitor de resultaten van je acties
Zet metingen op voor en na je acties, verzamel data over hoeveel afval je verzamelt in en naast vuilnisbakken. Analyseer en evalueer deze resultaten periodiek. Zo kan je acties steeds bijsturen.
De zespijleraanpak
Een duurzame aanpak steunt op zes pijlers die logisch op elkaar voortbouwen: eerst voorkom je zwerfvuil zoveel mogelijk, daarna zorg je voor de juiste infrastructuur en een nette omgeving. Vervolgens versterk je de aanpak met duidelijke communicatie, betrokkenheid en consequente handhaving.
1. Preventie
- Bekijk kritisch welke verpakkingen (vb. servetjes, roerstokjes, …), kassatickets, gadgets en andere materialen aan klanten worden meegegeven. Schrap wat overbodig is of bied aan op vraag van de klant.
- Vervang waar mogelijk niet-recycleerbare of zwerfvuilgevoelige producten door duurzame alternatieven. Denk vb. aan digitale kassabons of herbruikbare koffiebekers.
- Werk een preventiebeleid uit en communiceer dit consequent naar klanten en bezoekers.
2. Infrastructuur
Als bedrijf ben je verplicht om afvalstromen te sorteren.
- Voorzie afvaleilanden met minimaal vuilnisbakken voor restafval en PMD.
- Gebruik duidelijke sorteerwijzers en herkenbare kleurcodes.
- Plaats afvaleilanden aan de ingang van winkels en bedrijven om het juiste gedrag te stimuleren.
- Voorkom bijplaatsingen en sluikstort door vuilnisbakken regelmatig te ledigen, of binnen te halen na openingsuren.
- Zorg zoveel mogelijk voor sociale controle.
3. Omgeving
Een nette omgeving voorkomt dat nieuw afval wordt achtergelaten.
- Ledig vuilnisbakken tijdig en houd parkings en wandelzones proper. Denk ook aan onderhoud van groenzones en aan herstellingen waar nodig.
- Maak duidelijke afspraken met eigenaars en syndicus over verantwoordelijkheden en afvalafvoer.
- Zet afval niet in het zicht van bezoekers of plaats het niet te vroeg buiten. Sluit containers af.
- Meld sluikstort snel aan de gemeente.
4. Communicatie
- Gebruik op de volledige commerciële zone dezelfde boodschappen en vormgeving.
- Communiceer positief en duidelijk welk gedrag verwacht wordt van bezoekers.
- Gebruik affiches, wobblers en ander communicatiemateriaal om sorteren en netheid zichtbaar te maken.
5. Participatie
- Organiseer gezamenlijke opruimacties, bijvoorbeeld tijdens de Lenteschoonmaak en World Cleanup Day.
- Werk samen aan een gedeelde verantwoordelijkheid voor een nette commerciële zone. Betrek alle handelaren bij initiatieven.
6. Handhaving
- Werk samen met de gemeente rond een duidelijk handhavingsbeleid.
- Spreek bezoekers aan op foutief gedrag. Beloon eventueel positief gedrag.
- Zorg voor een laagdrempelige manier om problemen met zwerfvuil en sluikstort te melden.