Autosnelwegparking - Infrastructuur
Kenniswijzer > Probleemlocaties > Parkings > Autosnelwegparking - Infrastructuur

Opzet

Deze aanpak bevat maatregelen tegen zwerfvuil en sluikstorten op autosnelwegparkings. Hierbij wordt altijd vertrokken van een integraal beleid dat stoelt op zes pijlers

1. infrastructuur

2. omgeving

3. sensibilisering en communicatie

4. participatie

5. handhaving 

6. preventie

Daarnaast beschrijft zo’n aanpak ook de impact van de genomen maatregelen en verwijst ze naar goede praktijkvoorbeelden.

In dit artikel staan we stil bij de pijler infrastructuur.

Maatregelen infrastructuur

Het kan aangewezen zijn om afvalrecipiënten te voorzien, maar het is geen must. Zeker op parkings met minder sociale controle kunnen afvalbakken sluikstorters aantrekken. Maak dus de afweging of vuilnisbakken een meerwaarde zijn en niet meer afval veroorzaken. 

Op grote afgelegen parkings (zoals carpoolparkings) plaats je best geen vuilnisbakken. Dit doe je om sluikstort te vermijden. Communiceer dat ook zo aan de ingang van de parking. Lees hier meer over het onderzoek rond het weghalen van vuilnisbakken op carpoolparkings.

Op parkings met horeca en handel aanwezig, is er een verplichting om selectief afval in te zamelen. De sorteerplicht voor bedrijven wordt bepaald in VLAREMA, artikel 4.3.2. Hier worden de te sorteren afvalfracties opgelijst. Lees meer op de OVAM-website

  • Zet de vuilnisbakken voor de verschillende fracties bij elkaar 
  • Gebruik duidelijke pictogrammen en de kleurcodes van Fost Plus (PMD = blauw, Papier/karton = geel) 
  • Gebruik eventueel inwerpopeningen in een bepaalde vorm om de gebruikers te sturen 

Lees hier meer over het proefproject dat op de Waalse autosnelwegparkings plaatsvond rond selectieve inzameling.  

Als je ervoor kiest om vuilnisbakken te plaatsen, zorg dan voor “goede” vuilnisbakken. Zo spoor je de parkinggebruikers aan tot het gebruik van de vuilnisbak. Een goede vuilnisbak is proper, aantrekkelijk, opvallend en herkenbaar. Bovendien is de omgeving van een goede vuilnisbak proper, heeft een goede vuilnisbak voldoende capaciteit en lijkt hij op andere vuilnisbakken (uniformiteit). Zorg ervoor dat de vuilbak beschermd is tegen de regen. Plaats bij voorkeur vuilnisbakken in gerecycleerd materiaal. Denk voldoende na over de verschillende kenmerken van de vuilnisbakken.

Bij de inrichting van afvalrecipiënten op parkings heb je keuze uit tal van materialen en voorzieningen. Hou rekening met het onderhoud en het gebruiksgemak ervan. 

  • Op autosnelwegparkings kan het nuttig zijn om (grote) rolcontainers (bv. Kliko's) te vervangen door vuilnisbakken met ondergrondse capaciteit (bv. Moloks) met een opening tussen 15 à 20 cm (niet kleiner, niet groter). Zo kan je de capaciteit verhogen en trek je toch geen sluikstort aan.
  • Overweeg het plaatsen van tijdelijke vuilnisbakken tijdens drukkere periodes.
  • Plaats geen zogenaamde blikvangers op de parking. Deze blikvangers missen hun effect: het afval wordt er vaak naast gegooid en zijn een aantrekkingspool voor sluikstort.
  • Reinig vervuilde recipiënten en vervang kapotte recipiënten zo snel mogelijk.

Hou rekening met de volgende plaatsingscriteria:

  • Plaats de vuilnisbakken op de logische looproute van de voetgangers met de inwerpopening gericht is naar de looplijn.
  • Zorg dat vuilnisbakken goed bereikbaar zijn en in het zicht staan en bv. niet “verstopt” tussen geparkeerde auto’s. Door met communicatie in de hoogte te werken, kan je hier ook een oplossing voor bieden.
  • Plaats vuilnisbakken aan de uitgang van de parking aan de chauffeurskant (de chauffeur kan zo gemakkelijk afval van meeneemmaaltijd, die in de wagen op de parking werd genuttigd, bij het wegrijden in de vuilnisbak achterlaten.)
  • Voorzie eventueel nudges (bijvoorbeeld voetstappen naar de vuilnisbak) of andere elementen of boodschappen die gedrag sturen.

Voorzie peukenrecipiënten in de zones waar de parkinggebruikers hun sigaret doven (bv. naast picknicktafels). Zorg ervoor dat de recipiënten zichtbaar zijn en op minder dan 5m staan van de plek waar gerookt wordt. Een peukenrecipiënt kan in de vuilnisbak ingebouwd worden (met doofplaat) of los van de vuilbak worden opgesteld.

Maak een vuilnisbakkenplan op om de situatie te analyseren, te evalueren en bij te sturen indien nodig. 

Zorg voor voldoende ophaalbeurten voor de diverse afvalfracties.

Herbekijk de inrichting van de parking bij heraanleg. Stem deze af op de belangrijkste doelgroep. Betrek hierbij tijdig de technische diensten en andere verantwoordelijken. Leg verhardingen zo aan dat ze gemakkelijk te onderhouden zijn, ook met veegmachines. Denk hierbij aan trottoirranden waartegen het vuil bijeengebracht kan worden en machinaal kan opgeveegd worden. Voorkom te scherpe hoeken waardoor bepaalde plaatsen door de veegmachine niet bereikbaar zijn of andere plekken waar een veegmachine niet bij kan. Zo kan je het onderhoud vereenvoudigen en de kosten drukken.

Voor verharde ondergronden kan machinaal vegen worden overwogen. Voor bepaalde ondergronden is manueel vegen aangewezen. In bermen en plantvakken kan je een grijpstok, prikker of blazer gebruiken. Op onverharde, maar weinig begroeide ondergrond is een hark aangeraden. Eventueel kunnen de manuele vegers het vuil op de route van de veegmachine leggen, die later langs komt.

Ruim bijplaatsingen onmiddellijk op. Zo hou je de omgeving proper. Vermijd ook alsof het lijkt dat bijplaatsingen toegelaten zijn. Roep hier eventueel een meldsysteem rond in leven. Lees hier meer over het onderzoek naar zwerfvuil en sluikstort op autosnelwegparkings in samenwerking met AWV

Organiseer (één of meerdere keren per jaar) een grote opruimactie. Doe dat bijvoorbeeld in samenwerking met een bedrijf, omwonenden, uitbaters van een snelwegparking, … Focus bij het opruimen zeker ook op stukken die moeilijk machinaal te reinigen zijn (bijvoorbeeld tussen de beplanting).